Vragenlijst "Ken U Zelf"

De oude Grieken claimden: "Ken u zelf!" – Daarom werd deze persoonlijkheidstest ontwikkeld.
Deze test wordt normaal gesproken in een persoonlijk gesprek van ongeveer een kwartier geanalyseerd:
een op een.

Maakt u eenvoudig het correcte bedrag over naar onze rekening:

Het invullen van de test duurt ongeveer een half uur. Gedurende deze tijd kunt u om kosten te sparen de internet-verbinding onderbreken en de verbinding na het invullen en voor het verzenden weer herstellen.

Veel plezier bij de test, uiteraard worden de gegevens vertrouwelijk behandeld en aan niemand doorgegeven, dat garanderen

Andreas en Telse Gross
Kontaktaufnahme | Kontaktadresse

mannelijk
vrouwelijk

Wanneer u met de desbetreffende vraag grotendeels instemt, dan klikt u in het eerste met J=JA gemarkeerde hokje.
Wanneer u naar nee neigt, dan klikt u in het N=Nee hokje. Bij "geen van beiden" of “weet niet” in het ?-hokje.

Nr J ? N Frage
1 Maakt u ondoordachte opmerkingen of uit u beschuldigingen waarvan u later spijt heeft?
2 Blijft u betrekkelijk rustig wanneer anderen van streek raken?
3 Zit u louter voor uw plezier te bladeren in spoorwegboekjes, gidsen of woordenboeken?
4 Wanneer u gevraagd zou worden een beslissing te nemen, zou u zich er dan door laten beïnvloeden of u de betrokken persoon wel of niet mag?
5 Wilt u hoogstens één of twee kinderen, ook al kunt u zich qua gezondheid en inkomen meer kinderen permitteren?
6 Heeft u af en toe spiertrekkingen zonder dat daar een logische verklaring voor is?
7 Zou u het liefst in een positie verkeren, waarbij besluitvorming niet tot uw verantwoordelijkheden behoort?
8 Vinden anderen uw doen en laten onvoorspelbaar?
9 Bent u van mening dat er voor de sociale zekerheid meer geld moet worden uitgetrokken?
10 Heeft u veel belangstelling voor anderen?
11 Vindt u uw stem eerder monotoon dan levendig?
12 Laat u de ander gewoonlijk het gesprek beginnen?
13 Bent u gauw geïnteresseerd in de conversatie tussen anderen?
14 Zou het idee dat u wild, kleine dieren of vissen pijn zou doen, u ervan weerhouden om te gaan jagen of vissen?
15 Bent u vaak impulsief in uw gedrag?
16 Spreekt u langzaam?
17 Maakt u zich vaak zorgen over de noodzaak uw gezondheid te beschermen?
18 Krijgt u van een onverwachte actie spiertrekkingen?
19 Houdt u gewoonlijk rekening met de gevoelens van uw employés, familieleden of leerlingen bij wat u van hen verlangt?
20 Bent u van mening dat u voor de vuist weg een geldig oordeel zou kunnen geven?
21 Maakt u zich nog steeds zorgen over wat u in het verleden niet is gelukt?
22 Merkt u dat u af en toe een paar dagen lang extra actief bent?
24 Vindt u het gewoonlijk moeilijk orn eerlijk voor iets uit te komen en schuld te bekennen?
25 Heeft u liever een kleine kring van intieme vrienden dan een groot aantal vrienden en kennissen?
26 Is uw leven een constante strijd om het bestaan?
27 Zingt of fluit u vaak gewoon voor uw plezier?
28 Vinden uw vrienden u hartelijk?
29 Zou u liever orders geven dan krijgen?
30 Houdt u ervan om anderen te vertellen over de laatste schokkende gedragingen van de mensen met wie u omgaat?
31 Kunt u instemmen met strenge discipline?
32 Zou de gedachte om helemaal opnieuw te moeten beginnen u ernstig zorgen baren?
33 Doet u uw best anderen in een goede stemming te brengen en aan het lachen te maken?
34 Vindt u het gemakkelijk om uw gevoelens tot uitdrukking te brengen?
35 Weerhoudt u zich ervan om te klagen als de ander te laat is voor een afspraak?
36 Wordt u soms door anderen als spelbreker gezien?
37 Vindt u dat er mensen zijn die u beslist onvriendelijk bejegenen en u tegenwerken?
38 Zou u toegeven dat u ongelijk had alleen om de vrede te bewaren?
39 Kent u maar een paar mensen die u echt heel graag mag?
40 Is het zo dat u bijna nooit gelukkig bent, behalve wanneer u daarvoor een bijzondere reden heeft?
41 Praat u op feestjes en partijtjes nu eens met de één en dan weer met een ander?
42 Treft u redelijke voorzorgsmaatregelen om ongelukken te voorkomen?
43 Wordt u zenuwachtig, alleen al van de gedachte om mensen te moeten toespreken?
44 Als u in een winkel een artikel ziet waarop heel duidelijk een te lage prijs staat aangegeven, zou u dan proberen het tegen die prijs te kopen?
45 Heeft u vaak het gevoel dat mensen naar u kijken of achter uw rug over u praten?
46 Raakt u altijd in moeilijkheden verzeild?
47 Voelt u angst of afschuw voor iets bepaalds?
48 Bent u bij een actieve sport liever toeschouwer dan deelnemer?
49 Vindt u het gemakkelijk om onpartijdig te zijn?
50 Heeft u een bepaalde vaste norm van beleefd gedrag ten opzichte van uw familieleden?
51 Kunt u op feestjes en partijtjes de bal aan het rollen brengen?
52 Zou u op afbetaling kopen in de hoop dat u bij kunt blijven met betalen?
53 Krijgt u achteraf een reactie wanneer er iets onverwachts gebeurt zoals een ongeluk of een storend voorval?
54 Houdt u eerder rekening met de belangen van alle betrokkenen dan met uw eigen persoonlijke voordeel?
55 Krijgt u bij het luisteren naar een spreker soms het gevoel dat hij het alleen over u heeft?
56 Is het zo dat u niet gauw uit uw concentratie gehaald wordt door geluiden om u heen?
57 Bent u gewoonlijk helemaal op de hoogte van de dagelijkse gebeurtenissen?
58 Bent u er zeker van dat u de een of andere taak kunt plannen en aan de voltooiing ervan kunt werken binnen een tijdsbestek van 6 maanden?
59 Vindt u dat de hedendaagse ontwikkeling naar een systeem van gevangenissen zonder tralies gedoemd is tot mislukking?
60 Bent u geneigd u nergens om te bekommeren?
61 Komt het leven u soms als een droom voor, waarin alles onwerkelijk schijnt?
62 Herstelt u zich snel van de uitwerking van slecht nieuws?
63 Probeert u, wanneer u kritiek levert, tezelfdertijd aan te moedigen?
64 Vinden anderen u meestal "koud"?
65 Is uw mening niet belangrijk genoeg om die aan anderen te vertellen?
66 Bent u zo zelfverzekerd dat anderen zich daar soms aan ergeren?
67 Houdt u precies bij welke van uw bezittingen u aan uw vrienden heeft uitgeleend?
68 Geniet u van activiteiten die u zelf verkozen heeft?
69 Maakt gevoelige muziek een enorme indruk op u?
70 Als iemand in zijn betrekkingen tot u in een enkel opzicht uw rivaal of tegenstander is, veroordeelt u hem dan helemaal?
71 Zit u vaak na te denken over doodgaan, ziekte, pijn of verdriet?
72 Wordt u verontrust door de gedachte dat u een slechte indruk zou kunnen maken?
73 Verzamelt u altijd dingen die wel van pas kunnen komen?
74 Zou u de gebreken bekritiseren en de slechte punten aanwijzen in iemands karakter of werk?
75 Geeft u openlijk blijk van waardering voor mooie dingen?
76 Geeft u soms gingen weg die eigenlijk niet van u zijn?
77 Groet u mensen uitbundig?
78 Peinst u vaak over vroegere tegenslagen?
80 Accepteert u kritiek gemakkelijk en zonder wrok?
81 Is het zo dat geluiden in de omgeving u gewoonlijk niet storen als u probeert te rusten?
82 Wordt u gemakkelijk jaloers?
83 Bent u geneigd dingen uit te stellen tot het te laat is?
84 Houdt u zich liever aan de wensen van anderen in plaats van te proberen uw eigen mening door te drukken?
85 Kunt u zich er gemakkelijk toe brengen om met een project aan de slag te gaan?
86 Bent u een nagelbijter of een potloodknabbelaar?
87 Schroeft u uw emoties op gewoon om meer effect te creëren?
88 Als we een ander land zouden binnenvallen, zou u dan begrip kunnen opbrengen voor principiële dienstweigeraars in ons land?
89 Zijn er wat uzelf betreft dingen waarin u lichtgeraakt bent?
91 Krijgt u wel eens een enkele gedachte die dagenlang blijft rondhangen?
92 Bent u een langzame eter?
93 Kunt u een stabiliserende invloed uitoefenen wanneer anderen in paniek raken?
94 Zou u stoppen en kijken of iemand hulp nodig had, ook al had men u er niet direct om gevraagd?
95 Bent u bevooroordeeld ten gunste van uw school, universiteit, club of team enz.?
97 Slaapt u goed?
98 Zou u een lichamelijke straf toedienen aan een kind van tien jaar dat weigerde u te gehoorzamen?
99 Heeft u het liefst een passieve rol in een club of organisatie waar u bij hoort?
101 Heeft de jeugd van nu meer mogelijkheden dan de jeugd van een generatie geleden?
102 Gooit u dingen weg om dan later tot de conclusie te komen dat u ze toch nog nodig heeft?
103 Zou u het gemakkelijk opgeven op een ingeslagen koers als deze u veel ongemak bezorgde?
104 Zijn er maar enkele onderwerpen waarvoor u enthousiasme kunt opbrengen?
105 Is het zo dat u de handelingen van anderen niet gauw verdacht vindt?
106 Vraagt u zich wel eens af of er iemand is die echt om u geeft?
107 Wijst u verantwoordelijkheden af, omdat u twijfelt of u deze aankunt?
108 Heeft u wel eens het gevoel dat u een nieuwtje of de een of andere onbenulligheid gewoon moet doorvertellen?
109 Heeft u de neiging een rechtmatige klacht te overdrijven?
110 Is uw gezichtsuitdrukking eerder gevarieerd dan strak?
111 Moet u een eenmaal verkondigde mening gewoonlijk rechtvaardigen?
112 Bewondert u schoonheid in anderen openlijk en oprecht?
113 Zou het u beslist inspanning kosten om over het onderwerp zelfmoord na te denken?
114 Zou u zichzelf energiek noemen in uw houding ten opzichte van het leven?
115 Zou een meningsverschil uw algemene relatie met een ander beïnvloeden?
116 Is het zo dat een geringe tekortkoming van uzelf u niet gauw zorgen baart?
118 Glimlacht u veel?
119 Bent u gauw tevreden?
120 Zou u, ondanks rechtstreekse tegenstand, toch eerder trachten uw zin te krijgen dan toe te geven?
121 Als de afstand niet te groot was, zou u toch liever per auto gaan dan te voet?
122 Raakt u wel eens van streek door het geluid van de wind of een huis dat kraakt?
124 Maakt u vaak tactloze opmerkingen?
125 Wantrouwt u mensen die u geld te leen vragen?
126 Speelt eigenbelang een overwegende rol in uw besluitvorming?
127 Kunt u heel enthousiast worden over een simpel niemandalletje?
128 Gaat u vaak tot actie over ook al weet u dat uw gezond verstand u zegt het niet te doen?
129 Bent u voor rassenscheiding en klassenstelsels?
130 Bent u zich bewust van bepaalde lichamelijke hebbelijkheden zoals trekken aan uw haren, neus, oren en dergelijke?
131 Kunt u zich snel aanpassen en gebruik maken van nieuwe omstandigheden en situaties, ook al zijn ze moeilijk?
132 Zijn er van die geluiden die u door merg en been gaan?
133 Kunt u, als u wilt, het standpunt van een ander zien?
134 Gaat u naar bed wanneer het u zint in plaats van precies op tijd?
135 Maken de kleine zwakheden van anderen u ongeduldig?
136 Irriteren kinderen u?
137 Bent u minder spraakzaam dan de mensen met wie u omgaat?
138 Voert u taken gewoonlijk prompt en systematisch uit?
139 Zou u een medereiziger zelf helpen in plaats van het aan de officiële instanties over te laten?
141 Blijft u vaak stilstaan bij de ziektes of pijnlijke ervaringen die u vroeger heeft gehad?
142 Voelt u zich gauw slecht op uw gemak in een wanordelijke omgeving?
143 Levert u gewoonlijk kritiek op een film of show die u ziet of een boek dat u leest?
144 Kunt u, wanneer u een grappig voorval navertelt, de manier van doen of het dialect in het oorspronkelijke voorval gemakkelijk nadoen?
145 Zijn uw ideëen over onderwerpen waarin u geen expert bent, belangrijk genoeg om aan anderen te vertellen?
146 Heeft u de neiging om het huis van een ander op te ruimen als daar wanorde is?
147 Kunt u gemakkelijk een nederlaag accepteren zonder uw teleurstelling te moeten wegslikken?
148 Voelt u zich vaak terneergeslagen?
149 Voelt u zich in de buurt van kinderen wel eens slecht op uw gemak?
150 Als u iets niet kunt doen, raakt u dan ontmoedigd in plaats van een andere activiteit of methode te zoeken?
151 Is het voor u soms volslagen onmogelijk om mee te doen?
152 Is het zo dat u niet gauw uiting geeft aan uw grieven?
154 Maakt u zich zorgen over het aantal onafgemaakte karweitjes dat u om handen heeft?
155 Vinden mensen het plezierig in uw gezelschap te zijn?
156 Zou u iemand de laatste twee woorden in een kruiswoordpuzzel kunnen laten afmaken zonder u ermee te bemoeien?
157 Neemt u bij mensen meestal hun goede punten in aanmerking en spreekt u maar heel af en toe geringschattend over hen?
158 Heeft u een gulle glimlach en lacht u spontaan?
159 Bent u beslist en nadrukkelijk in uw spreken en manier van doen?
160 Als u uitbundig bent, uit u dat dan alleen tegenover goede vrienden?
161 Zijn uw intellectuele en andere interesses zo belangrijk dat er voor iets anders maar weinig tijd over blijft?
162 Zou u in de omgeving waar u woont iets nieuws willen beginnen?
163 Zou u de noodzakelijke handelingen verrichten om een dier dood te maken om het uit zijn lijden te verlossen?
165 Is het zo dat u weinig spijt heeft van tegenslagen en mislukkingen uit het verleden?
166 Geeft alleen al de gedachte aan angstige of angstaanjagende dingen u een lichamelijke reactie?
167 Kunt u op uw oordeel vertrouwen in een emotionele situatie waarbij u betrokken bent?
168 Zou iemand anders kunnen vinden dat u echt actief bent?
169 Vindt u het moeilijk om een begin te maken met iets dat gedaan moet worden?
170 Bent u tegen het systeem van voorwaardelijke invrijheidstelling voor misdadigers?
171 Brengt u veel tijd door met u nodeloos zorgen te maken?
172 Vindt u het bij een meningsverschil moeilijk te begrijpen dat de ander uw kant niet kan zien en het daarom niet met u eens is?
173 Kunt u de dagelijkse zorgen van het bestaan redelijk goed aan?
174 Bent u gewoonlijk eerlijk tegenover anderen?
175 Neernt u liever een afwachtende houding aan in plaats van het heft in eigen handen te nemen?
177 Kunt u zonder u te veel zorgen te maken een weloverwogen risico nemen?
178 Als betrokken was bij een niet-ernstig auto-ongeluk, zou u er dan echt voor zorgen dat alle eventuele schade die u had veroorzaakt, werd vergoed?
179 Spelen anderen de baas over u?
180 Ziet u bij uw vrienden door de vingers, wat u bij anderen wellicht strenger zou beoordelen?
181 Denkt u vaak na over uw eigen minderwaardigheid?
182 Bekritiseert men u tegen anderen?
183 Vindt u een hartelijke begroeting, zoals een kus, een omhelzing of een klopje op uw schouder onprettig als dat in het openbaar gebeurt?
184 Laat u regelmatig na de dingen te doen die u zelf wilt doen, omdat u rekening houdt met de verlangens van andere mensen?
185 Bent u af en toe overtuigd van de juistheid van uw mening over een onderwerp, ook al bent u geen deskundige?
186 Merkt u vaak dat u alle kanten tegelijk opgaat?
187 Heeft u de indruk dat uw kennissen een hogere dunk van uw bekwaamheden hebben clan u?
188 Is de gedachte aan de dood of zelfs maar iets wat u aan de dood herinnert, afschuwwekkend voor u?
189 Wanneer u een ruzie heeft bijgelegd, blijft u dan nog een tijdje een slecht humeur houden?
190 Heeft u een vriendelijke stem, houding en gezichtsuitdrukking?
191 Vindt u het leven nogal vaag en onwerkelijk?
192 Voelt u zich vaak van streek over het lot van oorlogsslachtoffers en politieke vluchtelingen?
193 Kloppen kennissen zomaar bij u aan voor hulp of advies bij hun persoonlijke moeilijkheden?
194 Als u iets bent kwijtgeraakt, krijgt u dan het idee dat iemand het heeft gestolen of weggemaakt?
195 Als u dacht dat iemand u en uw daden wantrouwde, zou u hem er dan over aanspreken in plaats van hem het zelf te laten uitzoeken?
196 Denkt u wel eens dat u uw leeftijd tegen heeft (te jong of te oud)?
197 Heeft u vlagen van droefheid en neerslachtigheid zonder dat er een aantoonbare reden voor bestaat?
198 Moppert u vaak over de omstandigheden waaronder u moet leven?
199 Heeft u de neiging om uw gevoelens te verbergen?
200 Bent u van mening dat u veel hartelijke vrienden heeft?